Zone Dilbeek

Met een palmpaasstok in de palmprocessie

In de viering van Palmzondag in de Sint-Gertrudiskerk liepen kinderen op weg naar hun eerste communie en jongeren op weg naar het vormsel in de processie met een PALMPAASSTOK. Die ‘stokken’ zien er mooi en kleurrijk uit. Bijzonder is dat ze bestaan uit symbolen die het levenseinde-verhaal van Jezus vertellen.

Stap voor stap hebben deze kinderen, geholpen door hun ouders, en de jongeren, samen met de PLUSbegeleiders, de palmpaasstok gemaakt, het Bijbelverhaal beluisterd en kennisgemaakt met de Goede Week? Zal ik ook jullie meenemen in de symbolen van de palmpaasstok?

 

Met 2 dode takken wordt een kruis gemaakt. De (dode) takken en het kruis verwijzen naar de kruisdood van Jezus. Dit herdenken we in de week van Palmzondag tot Pasen, de Goede Week, op Goede Vrijdag. Ook op Palmzondag wordt het lijdensverhaal van Jezus voorgelezen en beluisterd in de zondagsviering.

Het kruis wordt dan omwikkeld met crêpepapier. Op Palmzondag beluisteren we eerst een ander verhaal uit het evangelie. Dit gebeurde voor Jezus sterft aan het kruis. Hij komt naar Jeruzalem en dat is een feestelijke intocht: op een ezel komt Jezus de stad binnen en de mensen spreiden hun mantels op de weg … als een felgekleurde loper … daarom verstoppen we het kruis onder repen gekleurd papier.

 

Midden het kruis worden buxustakjes vastgemaakt. Niet alleen mantels worden op de weg gespreid. De mensen breken twijgen van de bomen en spreiden die. Tijdens de Palmzondagviering worden groene buxustakjes gezegend en mee naar huis gegeven om bij het kruisbeeld thuis te steken. Daar blijven ze zitten tot Aswoensdag volgend jaar. Dan worden ze verbrand. Met die as maakt de priester een askruisje op ons voorhoofd. Buxustakjes zijn takjes die groen blijven in de winter. Daarom zijn ze symbool voor eeuwig leven. Het kruis van Jezus doet denken aan zijn dood, de groene takjes doen denken aan de verrijzenis.

 

Dan wordt een slinger met 12 rozijnen van links naar rechts aan de dwarsstok gehangen. Deze 12 rozijnen verwijzen naar de 12 apostelen met wie Jezus het Laatste Avondmaal viert. Dat verhaal beluisteren we op Witte Donderdag. Jezus viert met zijn leerlingen het Joodse Pesach. Hij doet die avond iets onverwachts. Hij neemt brood en wijn en zegt de woorden die de priester tijdens de  zondagsviering uitspreekt. Deze woorden noemen we de instellingswoorden. Ze zijn deel van het eucharistisch gebed, de consecratie: “Neemt deze beker en drinkt hier allen uit, want dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond. Dit is mijn Bloed, dat voor u en alle mensen wordt vergoten tot vergeving van de zonden. Blijft dit doen om Mij te gedenken.” En rozijnen zijn gedroogde druiven en van druiven wordt wijn gemaakt.

 

Daarnaast wordt opnieuw van links naar rechts een slinger van zilverpapier aan de dwarsstok vastgemaakt. De zilveren slinger doet denken aan de 30 zilverlingen die Judas, een leerling van Jezus, krijgt om Hem te verraden. Dat gebeurt wanneer Jezus en zijn leerlingen na de Pesachmaaltijd naar Getsemane, Hof van olijven, bidden. Judas geeft Jezus een kus waardoor Hij opgepakt wordt en gevangen genomen.

 

Boven op het kruis wordt een broodhaantje gezet. Dit broodje in de vorm van een haan verwijst naar het Laatste Avondmaal waar Jezus het brood breekt en deelt. Denk opnieuw aan de instellingswoorden: “Neemt en eet hiervan, gij allen, want dit is mijn Lichaam, dat voor u gegeven wordt.” De haan doet denken aan de haan die, wanneer Jezus gevangen genomen is, kraait wanneer Petrus Jezus verloochent. Petrus zegt dat hij Jezus niet kent als anderen hem vragen of hij één van de leerlingen is.

 

Tenslotte hangt er een citroenschijfje aan de linkerkant van de dwarsstok en een eitje aan de rechterkant van de dwarsbalk. Wanneer Jezus aan het kruis hangt, krijgt Hij een spons met zure wijn op een rietstok gestoken om Hem te laten drinken. Op Goede Vrijdag om 15 uur staan we stil bij het sterven van Jezus. Daarna komt Stille Zaterdag voor de dagen die er tussen het sterven en de verrijzenis zijn. Op zaterdagavond vieren we de Paaswake en zondag is het Pasen. Eieren zijn een teken van nieuw leven en verwijzen zo naar de verrijzenis. Daarom eten we gekookte, gebakken en eitjes van chocolade op Pasen.

 

Verrassend, niet? Wat zo’n palmpaasstok met zich meedraagt!

 

Voorbereiding

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Processie in de Sint Gertrudis kerk