Zone Dilbeek

ANTONIUS VAN PADUA

Zijn beeld staat zowel in de St.-Ambrosiuskerk te Dilbeek als in de St.-Gertrudiskerk te Pede,  in de St.-Pieterskerk te Itterbeek en de Sint-Ulrikskerk te Sint-Ulriks-Kapelle. Je herkent hem aan zijn bruine pij met een rozenkrans om zijn midden, een lelie (symbool van zuiverheid ) en een bijbel met het kindje Jezus

We vieren zijn feestdag op 13 juni.

 

Hoewel hij vernoemd is naar de Italiaanse stad Padua waar hij op 36 jarige leeftijd stierf, werd hij geboren in 1195 in Lissabon, Portugal. Hij begon zijn religieus leven bij de Augustijnen op 15 jarige leeftijd maar stapte over naar de orde van de franciscanen nadat hij diep onder de indruk was geraakt van de eerste franciscaanse martelaars. Bij zijn doop kreeg hij de naam Ferdinand maar hij veranderede deze in Antonius naar de vader van de woestijnmonniken. Antonius stond bekend om zijn enorme kennis van de Bijbel en zijn talent als spreker. Hij kon zo meeslepend preken dat hij zelfs de naam “ Hamer van de ketters” kreeg.

Er zijn wonderlijke verhalen verbonden aan het leven van Antonius van Padua. Onderstaande verhalen verklaren waarom hij vaak met specifieke voorwerpen wordt afgebeeld zoals een vis of een ezel.

  1. De preek voor de vissen: Toen de inwoners van de stad Rimini weigerden naar zijn preken over het geloof te luistern, liep Antonius naar de oever van de rivier en begon tegen de vissen te praten. Volgens de legende staken duizenden vissen hun kopen boven het water uit om aandachtig naar hem te luisteren, wat de ongelovige burgers zo verbaasde dat ze zich alsnog bekeerden.
  2. De knielende ezel: Om de werkelijke aanwezigheid van Christus in de hostie te bewijzen aan een scepticus, daagde Antonius hem uit. De man liet zijn ezel 3 dagen lang niet eten. Toen hij het dier daarna zowel een bak voer als de heilige hostie voorhield, negeerde de ezel het eten en knielde hij neer bij de hostie.
  3. Het kindje Jezus in zijn armen: Eén van de meest geliefde verhalen vertelt hoe een gastheer (vaak een graaf genoemd) door een kier van de deur keek en Antonius zag bidden. Hij zag hoe een stralend kind-het kindje Jezus-in de armen van de heilige rustte en hem liefkoosde. Dat is de reden waarom hij bijna altijd met een kind op zijn arm wordt afgebeeld.

 

Hij is de beschermheilige van reizigers, bakkers (Antoniusbrood), pottenbakkers, geliefden, paarden en ezels.

Zijn hulp werd ingeroepen tegen onvruchtbaarheid, koorts, pest en vooral voor het terugvinden van verloren voorwerpen. Dit laatste heeft te maken met volgend verhaal!
Het schijnt dat hij eens een bijzonder kostbaar boek verloren was: een door hem zelf afgeschreven psalmenboek voorzien van aantekeningen die hij had gemaakt met het oog op de lessen welke hij aan zijn medebroeders in opleiding gaf. In die tijd waren alle boeken vrucht van – letterlijk – monnikenarbeid: met de hand geschreven, vaak met versierde letters, soms met verluchtingen; zoiets vormde een kapitaal, nog afgezien van de emotionele waarde, daar het immers hier Antonius’ werkexemplaar was, waaruit hij bad, mediteerde en studeerde. Antonius was door dit verlies zo in verlegenheid gebracht dat hij vurig bad om het verloren voorwerp weer terug te krijgen. Niet lang daarna werd het keurig bij hem terugbezorgd: een novice die een paar dagen tevoren was uitgetreden, had het meegenomen, maar werd zo door spijt achtervolgd, dat hij het weer terug kwam brengen.
Maar er is nog een bijkomende verklaring! Antonius die bekend stond voor zijn preken en overtuigingskracht werd in een middeleeuwse tekst geprezen omdat hij de mensen de ‘verloren zeden’ bijbracht. in het Latijn: ‘mores perditos’. Bij het overschrijven van die tekst zou een monnik zich hebben vergist en ‘res perditos’ hebben genoteerd: ‘verloren zaken’. en zo heeft dit zich later verspreid.
Let op; verwar hem niet met Antonius Abt (Sint-Antonius met het varken) Hoewel zij dezelfde naam delen, gaat het om een heel andere heilige uit de 3de eeuw

Gebruiken
Vanaf de 19de eeuw ontstond het gebruik om in ruil voor het terugvinden van een voorwerp, brood te schenken aan de armen, het zogenaamde Sint-Antoniusbrood. Dat gebeurde bij voorkeur op de negen dinsdagen voor zijn feestdag (13 juni), de Sint-Antoniusdagen.
Als een voorwerp niet snel genoeg gevonden werd, dan moest Antonius het in sommige huiskamers ook ontgelden. Zijn beeld werd dan omgedraaid, in een hoek van de kamer gezet, naar de kelder verbannen of zelfs onder een druppelende kraan geplaatst en dat tot het verlorene teruggevonden was.

Antoniusbrood zoals het in Padua verkocht word

 

God, Vader,
U heeft ons de heilige Antonius gegeven om ons te helpen om goed te geloven en te leven.
Geef ook ons mensen die naar zijn voorbeeld over U en uw Liefde vertellen
Dat vragen wij U door Christus, Onze Heer

 

 

 

  Sint- Gertrudiskerk

 

Sint- Pieterskerk Itterbeek

 

 

  Sint- Ambrosiuskerk Dilbeek       
Sint- Ulrikskerk  

Sint-Ulriks-Kapelle