Het zuidelijk altaar in de Sint Ulrikskerk is volledig gewijd aan Sint Hubertus, de tweede patroonheilige van deze kerk. Door de eeuwen heen had deze een bijzondere betekenis voor de parochie. In 1702 werd het broederschap van de Heilige Hubertus gesticht door pastoor Franciscus van Cutsem ( gestorven in 1727) zoals vermeld staat op zijn grafplaat op de westgevel van de kerk. Er wordt een fraai geïllustreerd ‘Boek des broederschap’ bewaard waaruit blijkt dat de broederschap vanaf 14 mei 1702 actief was 1200 leden telde.
Op het portiekaltaar vinden we een top buste van Hubertus en de 1 meter hoge gepolychromeerde houten sarcofaag met op de top de Heilige Hubertus met hert en kruis .

Wie was Hubertus? Hij werd vermoedelijk omstreeks 655 geboren als zoon van hertog Bertrand van Aquitanië en in 727 overleden in Tervuren en is vooral bekend als patroonheilige van de jagers.
Zijn levensverhaal is een mix van historische feiten als bisschop en de beroemde legende over een hert. Volgens de overlevering gaf Hubertus zich na de dood van zijn vrouw volledig over aan de jacht. Op een Goede Vrijdag achtervolgde hij een groot hert. Toen het dier zich omdraaide zag hij een stralend kruis tussen het gewei verschijnen. Een stem droeg hem op zich tot God te keren en een vroom leven te leiden. Hij werd een belangrijke kerkvorst in de vroege middeleeuwen; hij volgde de vermoorde bisschop Lambertus op en werd de laatste bisschop van Maastricht en de eerste bisschop van Luik. Hij werkte hard aan de bekering van de ‘heidenen’ in de Ardennen en in Brabant.
Nadat in 825 het stoffelijk overschot van bisschop Hubertus van Luik in de plaatselijke abdij was begraven, ontwikkelde Andage zich tot een bedevaartsoord en veranderde de plaatsnaam na enige tijd in Saint-Hubert, nu hoofdstad van de jacht in de Ardennen.
Hij is de beschermheiige van jagers, boswachters wiskundigen en metaalbewerkers. Hij werd ook aangeroepen tegen hondsdolheid. Voor veel jagers staat hij symbool voor ethisch jachtbeheer: jagen met respect voor de natuur en de schepping. De tradities rond Hubertus draaien vooral om bescherming van mens en dier, de jachtcultuur en lokale folklore.
Rond en op 3 november worden er broodjes gezegend (Hubertusbrood) die in sommige regio’s speciaal gebakken worden. Deze zouden bescherming bieden tegen hondsdolheid en moeten droog, zonder beleg, gegeten worden om de werking te garanderen. In onze kerken gebeurt dit ook maar de meest bekende plek in onze pastorale zone is toch de Sint-Annakapel te Itterbeek. De Sint-Hubertusviering aldaar wordt georganiseerd door de jagers van het ‘land van Gaasbeek’ en trekt enorm veel volk. Meestal begint de viering met de zegening van het brood en daarna de zegening van paarden, honden en andere huisdieren. De viering wordt muzikaal opgeluisterd door een jachthoornkorps, vb. Fugamus. Na de viering is er traditioneel een verkoop of veiling van wild en streekproducten, rond de kapel.
In de winterkapel vinden we een 91 cm hoge afbeelding van hem afgebeeld als bisschop en te herkennen aan het hert, daterend uit de tweede heft van de 19 de eeuw.

Traditioneel gebed tot Sint-Hubertus
“Heilige Hubertus, gij die door de verschijning van het kruis in het gewei van het hert tot inkeer zijt gekomen, wij roepen uw hulp aan. Bescherm ons op onze wegen door de bossen en velden. Behoed ons en onze dieren voor ziekten en gevaren. Leer ons om de natuur te respecteren als een geschenk van de Schepper en geef dat wij, naar uw voorbeeld, altijd oog hebben voor het leven om ons heen.
Heilige Hubertus, bid voor ons. Amen.”